Nieuws

‘Het begint allemaal met wij-zijdenken’

Elf jaar was Alma Mustafić (1981) toen de oorlog in Joegoslavië begon. Ze was toen net begonnen met accordeonlessen en droomde van een carrière als kunstenaar. Het liep anders. 

De stad waarin Alma opgroeide, Srebrenica, werd met de genocidale moord op 8372 (hoofdzakelijk) jongens en mannen het toneel van de grootste oorlogsmisdaad op Europese bodem sinds de Tweede Wereldoorlog.

Alma vluchtte met haar moeder, broer en zusje naar Nederland. Jaren later kwam ze erachter dat haar vader, die voor de Nederlandse blauwhelmen had gewerkt, tijdens de genocide werd vermoord.

In 2001 klaagde Alma met haar moeder en broer de Nederlandse staat aan. Na twaalf jaar procederen stelde de Hoge Raad in 2013 vast dat de staat inderdaad verantwoordelijk was geweest voor de dood van haar vader.  

Voor Alma was dat een erg belangrijk moment. Ze had voor het eerst publiekelijk laten zien dat genocide zomaar werkelijkheid kan worden in een wereld die in vrede lijkt te leven.

Van bedrijfseconoom naar onderwijskundige

Sindsdien voelt Alma de behoefte deze boodschap sterker uit te dragen.  

Hoe maak je mensen duidelijk dat dit overal kan gebeuren, ook in een land dat vredig en veilig lijkt, zoals Nederland? Met kunst heeft ze een passende en doeltreffende vorm gevonden om die boodschap over te dragen.

Tijdens de 25e herdenking van de Srebrenicagenocide was Alma al co-auteur en acteur van de theaterproductie Gevaarlijke Namen. En in 2025 stelde ze met het project 11 stemmen van Srebrenica de verhalen van Bosnisch-Nederlanders over de genocide centraal. 

Stillevens met een gruwelijke waarheid

Wie dat laatste project bezoekt, stuit op een tentoonstellingsruimte waarin een huiselijke eettafel is opgesteld. Er staan wat typisch Bosnische spulletjes. Er hangen twee grote, kleurige en schijnbaar vredige stillevens van de Bosnisch-Nederlandse schilder Elma Čavčić.  

Alma: ‘Het is heel mooi, maar als je goed kijkt, zie je tussen de huiselijke scènes de gruwelijke waarheid: kogels op tafel naast een omgevallen kopje koffie, een machinegeweer aan een kledingkast, een bebloede arm en been.’  

Ze merkt dat de jonge generatie maar weinig weet over de oorlog, omdat ouderen er niet makkelijk over praten. Maar op het moment dat ze samen naar dit soort schilderijen kijken, komen verhalen vanzelf.

Ook bij de tentoonstelling aanwezig: een grote foto van Alma’s eigen veertienjarige dochter in hockeykleding.  

‘Hanna is geselecteerd voor het Nederlands jeugdhockeyteam, met het rugnummer 11, refererend aan 11 juli, de dag dat we de genocide van Srebrenica herdenken. Ik sta vaak naast andere ouders aan de lijn van het veld en ik begrijp heel goed dat die vaders en moeders helemaal niet bezig zijn met het gevaar van een genocide. Maar ik heb ervaren hoe het ineens anders kan lopen en daar moeten we alert op zijn. Ook hier in het vredige Nederland.’ 

Een geleidelijk proces

Alma wil met haar werk laten zien dat genocide niet plotseling gebeurt, maar de uitkomst van een geleidelijk proces is.  

‘Het begint nooit met gaskamers of massamoorden, maar met wij-zijdenken, en de fases die daarop volgen zijn niet ver weg. Deze eerste fase is op dit moment zichtbaar om ons heen. Als dat niet aangepakt en bestraft wordt, gaat het over in verheerlijking. Het is een geleidelijk proces waar je bij staat en waar je, voor je het weet, zomaar medeplichtig aan kunt worden.’ 

Dit is een ingekort fragment uit het interview met Alma Mustafić, zoals verschenen in Vmagazine 2026, een uitgave van Vfonds.

Vmagazine 2026

Vrijheid en democratie vragen inzet van ons allemaal. In Vmagazine lees je verhalen van mensen die opstaan voor vrijheid en kiezen voor democratie. Laat je inspireren. En ontdek wat jij kunt doen.

Lees Magazine 2026